Home   Congres   Scholen   Dossiers   VHZ   Contact 
 

Congrescommissie 07 → Simeacongres  → Home  

print

 

De sprekerslijst 

Het ziet er misschien niet zo netjes uit, maar hieronder kopieer ik wat aanvullende informatie over potentiele sprekers.


Door tijdgebrek kan ik niet al je vragen over de inhoud van een eventuele presentatie beantwoorden op dit moment. Ik ben vanaf morgen t/m zondag in het buitenland voor werk en kan dus niet veel info geven voor jullie vergadering op de 10de.
Ik zou het leuk vinden om te presenteren. Ook de plenaire presentatie is mogelijk. Een mogelijke titel zou dan zijn: 
"Wat telt is niet wat de meester zegt, maar wat de leerling hoort".
Spreker: drs. A.A.J.M. Huibers (psycholoog-psychotherapeut-trainer).

Over de inhoud kan ik je later mailen,excuses dat dit nu niet lukt
Volgens Theodora van Hall, maatschappelijk werker Enkschool te Zwolle, die mij ook benaderde over jullie congres, zou een combinatie van een plenaire presentatie gevolgd door den workshop over oplossingsgericht werken, prima zijn.
Wat betreft mijn honorarium: 1500 euro voor de hele dag (plenair en workshop) of 750 per dagdeel.

Lang leve leren, kan het (prettiger) mét een tolk?

De overheid voorziet in ondersteuning bij de communicatie. Elke dove of slechthorende heeft er recht op alle gesprekken te kunnen volgen. Daaraan is geen leeftijd verbonden.
"Jong geleerd is oud gedaan", ook deze stelling gaat op voor het inschakelen van een tolk.
Om begrijpelijke redenen denken ouders en (gezins-)begeleiders niet snel aan de mogelijkheden die een tolk biedt. Veelal is het onbekendheid en komt de optie pas in beeld als het kind vanuit dovenonderwijs naar het regulier onderwijs gaat. Soms wordt een tolk in de jonge jaren gevraagd bij een sportclub of een kerkdienst. Helaas horen we vaker dat er totale onbekendheid is over het hele fenomeen tolken.
Is het wijs om de kinderen al jong te laten wennen aan tolken?
Helpt het hen naar zelfstandig functioneren en participeren in de horende wereld?

Kan onderwijzend personeel meehelpen aan de normalisering van het tolkgebruik?
Heeft de school, of het onderwijs in het algemeen, hier een rol/taak in?

We willen in deze lezing/workshop laten zien waarin de voorziening voorziet. We willen met u bespreken hoe de regelgeving is en ervaringen delen. Maar ook onderwerpen aansnijden als: - wie, wanneer, waarom en hoe vraag je de tolk aan?
Aan de hand van stellingen zullen we duidelijkheid geven over de (on)mogelijkheden die de voorziening biedt.

Marja Frijmann; medewerker Voorlichting en Bemiddeling Tolknet.

 
Titel: Elke ESM-leerling een competente lezer?
 Toelichting:
 In het schooljaar 2005-2006 hebben op Tine Marcusschool kennisgemaakt met de inzichten over effectief leesonderwijs van dr. Kees Vernooy e.a.
Op 12 april 2006 vond een studiedag plaats op de Tine Marcusschool waarvoor van elke cluster 2-school van het REC NN vertegenwoordigers zijn uitgenodigd. Hier werd o.a. informatie gegeven over de Lisbo- en Vlot projecten, projecten waardoor de leesresultaten op een aantal SBO-scholen sterk verbeterden.
Hieruit zijn de volgende activiteiten voortgekomen binnen de Tine Marcusschool:
 
1. In het schooljaar 2006-2007 zijn we op de Tine Marcusschool gestart met een nieuwe leesmethode: de tweede maanversie van Veilig Leren lezen.
De implemantatie van deze methode vindt plaats onder begeleiding vanuit het CPS.
 
2. Hiernaast doen we als enige cluster-2 school mee (met 11 SBO-scholen ) aan het El2-project dat wordt geleid door o.a. dr. Kees Vernooy en Hanneke Wentink (bekend van het Protocol leesproblemen voor het SBO).
Het El2-project is erop gericht de aanvankelijk leesresultaten in het SBO te verbeteren.
Specifieker nog, het doel van het El2-project is dat alle leerlingen van groep 3 binnen 1 jaar leesonderwijs een AVI-2 niveau halen. Een ambitieuze doelstelling voor het SBO maar ook voor de Tine Marcusschool.
De toetsresultaten van alle deelnemende scholen worden uiteindelijk door de Universiteit van Utrecht verwerkt; er wordt effectonderzoek gedaan.
Voor ons is het erg interessant te weten hoe onze cluster 2-leerlingen presteren t.o.v. SBO-leerlingen.
 
3. Maar ook bestaat binnen cluster 2, in elk geval binnen de Tine Marcusschool, de behoefte om met betrekking tot het aanvankelijk leesonderwijs goed in kaart te brengen hoe de esm-leerlingen ervoor staan bij het begin van het leesproces.
Van de esm-kinderen in de huidige groepen 3 wordt daartoe een aantal aspecten in relatie tot het leesonderwijs in kaart gebracht.
Het gaat om het auditief geheugen, fonologische vaardigheden, articulatie en woordenschat.
Na een jaar leesonderwijs in groep 3 zal onderzocht worden of er tussen de genoemde aspecten voorspellers zitten voor het leren lezen.
Hierover wordt door Lieneke Ritzema een scriptie geschreven.
Ook worden de leesresultaten in groep 3 juni 2007 vergeleken met de leesresulaten in groep 3 van vorig jaar.
 
 
Over de aanleiding van deze activiteiten, over hoe dit proces verloopt en wat de resultaten hiervan zijn willen we graag iets vertellen in een workshop. Wij hopen natuurlijk dat deze aanpak werkt bij de ESM leerlingen.
Door hun spraaktaalproblematiek horen zij sowieso al tot de risicokinderen wat betreft een goede leesontwikkeling.
Wij denken dat deze ontwikkelingen van belang kunnen zijn voor alle leerlingen binnen cluster 2 en dan met name voor de ESM-leerlingen.

 

 

Bijgaand ontvang je aanvullende informatie vanwege je vragen over mogelijke bijdragen vanuit de NSDSK op Simea 2007:
 A. Omgaan met verlieservaringen bij ouders
Het vormt een van de producten uit het project Draagzak waarover al eerder is gerapporteerd op Simea.
In deze module wordt allereerst verslag gedaan van een uitgebreide literatuurstudie naar reactiewijzen van ouders op het ontvangen van boodschappen mbt het functioneren van hun kind in meer algemene zin, maar vooral mbt doofheid en slechthorendheid.
In het tweede deel van de module is de training voor gezinsbegeleiders beschreven, waarin ahv enkele casus geoefend wordt op deze verschillende reactiewijzen adequaat te kunnen ingaan. De training is te generaliseren naar alle hulpverleners, leerkrachten enz. van ouders met kinderen met ernstige auditieve of communicatieve problemen.
 
Op advies van de begeleidingscommissie - mn de vertegenwoordigers vanuit FODOK en FOSS - van het project Draagzak is de training aangemeld voor Simea.
De trainer (mw.drs. Monique Nieuwmans, orthopedagoog, NSDSK) zal een workshop houden waarin zowel de theorie als oefening aan de hand van casus zijn ingebouwd.
  
B. Zorgverbetering door te leren van ervaringen
Het welbevinden van kinderen met auditieve beperkingen die ooit in zorg waren bij de NSDSK, werd onderzocht. Daarnaast werden gegevens verzameld over de schoolloopbaan en het schools functioneren. De gegevens werden verzameld aan de hand van een schriftelijke enquête onder de ouders van kinderen met ernstige auditieve beperkingen. Kinderen van 12 jaar of ouder worden ook zelf bevraagd. Inmiddels zijn vragenlijsten ontwikkeld en uitgezet. Van circa 80 ouders en hun kinderen zijn onderzoeksgegevens verzameld. 
De belangrijkste resultaten van dit onderzoek worden gepresenteerd op Simea 2007. De bevindingen worden zo mogelijk gebruikt om aanbevelingen ter verbetering van de overgang van zorg naar onderwijs.
Het onderzoeksproject wordt uitgevoerd door: drs V. Wenners-Lo-A-Njoe, drs. J. Meijs, dr. GWG Spaai en dr. P. Brienesse (allen NSDSK)
   
Onder voorbehoud:
 
C.  Elo
Doel. Het ontwikkelen van een elektronische leeromgeving (Elo) voor het oefenen van actieve en passieve gebarenschat. Elo is bedoeld voor kinderen in de leeftijd van 3-5 jaar met ernstige auditieve beperkingen. Centraal staan de vragen: 1. kan Elo bruikbaar zijn bij het leren van actieve en passieve gebarenschat aan zeer jonge kinderen met ernstige auditieve beperkingen; 2. op welke wijze moet Elo ingericht worden, zodat oefening sorteert in een zo groot mogelijk leereffect. Methode. ELo wordt op een incrementele wijze ontwikkeld dat wil zeggen prototypes worden ontwikkeld, getest in de praktijk, bijgesteld, opnieuw getest in de praktijk etc.
Resultaten. In 2004 is gestart met het functionele ontwerp van ELo en is een drietal oefeningen geïmplementeerd:in ELo: een vertelplaat; een begripsoefening en een productieoefening. In het najaar 2005/voorjaar 2006 zijn de eerste praktijktests met het systeem uitgevoerd. Daaruit is gebleken  wijzen uit dat kinderen zeer wisselend reageren op ELo oefeningen. Vooral de oefeningen met een gesloten oefenstructuur lijken, met name voor de oudere kinderen, goed bruikbaar.
Het project wordt uitgevoerd door de NSDSK, de Koninklijke Auris Groep en de TU Delft.
Aan het project wordt uitgevoerd door o.a.: dr C Fortgens, dr G Spaai,  dhw E Wenners, mw M Elzenaar
 


Marjolein Bure

Ik ga op 1-11 een lezing geven over de stand van zaken mbt het onderzoek naar het (leren) lezen van dove kinderen, op een studiemiddag van de Stichting Lezen, met het bibliotheekwezen, de Fodok en Woord en Gebaar. Die lezing is maar een kwartier, maar ik vind zo ongelofelijk veel interessante literatuur dat ik op Simea wel een soortgelijke lezing kan doen: 'recent onderzoek naar het leren lezen van dove kinderen'. Echt leuk!
Kijk maar of je het nog ergens tussen kunt passen.
En verder zou ik misschien nog iets kunnen vertellen over mijn onderzoek in Utrecht. Ik ben bezig er een artikel over te schrijven in Van Horen Zeggen, zodat er toch iets van over blijft, al is het niet af (en komt het niet af zonder financiering). Een titel zou kunnen zijn 'naar een visuele didactiek' of iets in die orde.
Het tweede als het in het thema past, het eerste echt graag!

Johan Wesemann

Als het nog kan, wil ik tijdens het simeacongres een presentatie geven over de resultaten van mijn onderzoek: "Op welke wijze worden dove jongeren voorbereid op participatie aan regulier onderwijs en/of de arbeidsmarkt?" Dit aan de hand van mijn scriptie: "Baanbrekend werk?" (2006) in het kader van mijn studie aan de Universiteit Utrecht (Organisatie, Cultuur en Management). In mijn presentatie leg ik met nadruk op empowerment. Het gaat hierbij om hoe dove jongeren zich bewust gemaakt moeten worden van hun eigen kunnen en zelfstandiger in de maatschappij moeten treden. Het onderwijs kan door middel van een competentiemodel hieraan veel bijdragen. In dit verband gaat het dus om het aanleren van sociale vaardigheden in omgang met horenden, en hoe dove mensen vanuit hun beperkingen positieve invloed naar de horende wereld kunnen uitoefenen.

 

tip (via marieke mastboom) Robert jan Simons (Universiteit Utrecht ivlos) Hij houdt zich intensief bezig met het onderwerp leren en denken over leren door individuen, teams en organisaties.
Hij introduceert het begrip "leerlandschap" van een organisatie (onderzoeken, praktiseren en creeren). Dit  model is ontwikkeld voor en in de praktijk van het leren in werksituaties. Voor een deel kan het ook gebruikt worden in onderwijs en opleidingen.
Wellicht kan dit een ingang zijn waar jullie wat mee kunnen. Hierbij het internetadres: www.uu.nl/ivlos
tip (via Han Alferink) Peter van Vugt Dr. Peter van Vugt, neuropsycholoog. Hem zou ik willen aanbevelen voor een middag- /openingslezing. Hij is een uitstekend spreker. Heeft deze week nog voor de ABers ( 25 personen) van De Spreekhoorn een studiedag verzorgd: 100% score m.b.t. tevredenheid. En wat sluit zijn boekwerk "inleiding tot bijzondere vormen van Leer- en gedrag" mooi aan bij het lang zal ze leven thema van het congres. Email: peter.vanvugt@ua.ac.be

 

 

 

a.dklerk@viataal.nl

a.terpstra@effathaguyot.nl

Carla-Vernooij@zonnet.nl

E.Kolen@viataal.nl

gerti.rijpma@zonnet.nl

v.hendriks@audcom.nl

 

Agenda

 

Siméacongres 2019
11 en 12 april in de Werelt te Lunteren
Lees meer...

» uitgebreide agenda

Zie ook

 

» meer links

Contact

 

Siméa
p.a. Bureau AudCom
Chr. Krammlaan 8-10
3571 AX Utrecht

030-2 76 99 02

» routebeschrijving

» info@simea.nl

Twitter

 

Tweets van @CongresSimea

Copyright 2003-2018 Siméa